De auteurs zijn Lex Hoefsloot, medeoprichter van Lightyear en adviseur bij Techleap, en Annemieke Wisse, Capital and Scaling Lead Deeptech bij Techleap. Voor het rapport analyseerden zij de financieringsdata van bijna 28.200 bedrijven en spraken zij uitgebreid met oprichters en investeerders die het ecosysteem van binnenuit kennen.
Waar loopt het mis?
Het probleem begint niet bij grote groeifasen, maar al bij de eerste financieringsstap. Europese deeptech-bedrijven ontvangen per investeringsronde drie tot vier keer minder kapitaal dan vergelijkbare Amerikaanse bedrijven. Bij grote rondes van meer dan 100 miljoen euro is dat verschil nog groter. Het gevolg: Amerikaanse deeptech-bedrijven genereren bij exits ruim zestien keer meer waarde dan hun Europese tegenhangers.
Een specifiek knelpunt voor Nederland is de sterke afhankelijkheid van publiek geld in de vroege fase, meer dan twee derde van het startkapitaal voor deeptech-bedrijven is afkomstig van de overheid. Dat kan ondernemers onbedoeld in een subsidiementaliteit duwen, waarbij commerciële ambities naar de achtergrond verdwijnen.
Vijf concrete stappen vooruit
Het rapport is nadrukkelijk geen eindpunt, maar een blauwdruk. Techleap formuleert vijf aanbevelingen gericht aan oprichters, investeerders én overheid. Zo pleiten de auteurs voor het structureel koppelen van publieke vroegefinanciering aan private co-investering, en voor een regeling die succesvolle tech-ondernemers stimuleert om als business angel in te stappen bij de volgende generatie deeptech-bedrijven. Uit het onderzoek blijkt dat de aanwezigheid van een ervaren ondernemer in de vroege kapitaalstructuur de kansen op een latere groeifinanciering aanzienlijk vergroot. Verder wordt gepleit voor intensieve internationale begeleiding vanaf dag één en een scherpere inzet van overheidsmiddelen op de momenten dat private investeerders nog niet instappen.